Het eerste speelafspraakje van je kind

VriendjesHet eerste speelafspraakje van je kind. Dat is waarschijnlijk spannend voor je kind, maar misschien ook wel voor jou, zeker als het om je eerste kind gaat!

Want samen spelen, hoe gaat dat nou eigenlijk in zijn werk?

Wanneer begint het, wacht je tot je kind zelf aangeeft met een ander kind te willen spelen? Of ga je zelf speelafspraakjes regelen voor je kind?

Het contact met andere ouders. Ga je mee en blijf je koffie drinken of ga je meteen weer weg?

Hoe lang duurt een speelafspraak?

Wat gaan de kinderen samen doen? Moet je ze bezighouden of juist niet?

Hoe vaak per week spelen is normaal?

Allemaal vragen die ouders zichzelf stellen over het eerste speelafspraakje.

Hieronder vind je antwoorden op deze vragen en handige tips voor de eerste speelafspraakjes van je kind.

Wanneer beginnen met speelafpraakjes?

Speelafspraakjes beginnen meestal vanzelf. Zodra je kind naar de basisschool gaat dan wordt je kind meestal na een paar maanden wel gevraagd door een ander kind. Het kan bij de jongste kleuters soms nog wel een tijdje duren, dus maak je geen zorgen als je kind na een paar maanden nog geen speelafspraakje heeft gehad.

Na een paar maanden is je kind aardig aan de klasgenootjes gewend. Ook zien ze anderen speelafspraakjes maken. Misschien begint je kind er thuis wel eens over. Je kunt het stimuleren door te vragen met wie ze graag eens zouden willen spelen.

Je hebt kinderen die enthousiast op je af komen rennen om te vertellen dat ze samen gaan spelen. Anderen zijn wat voorzichtiger. Let eens op op het schoolplein, misschien staat er wel een kindje in jullie buurt dat oogcontact zoekt en het eigenlijk niet durft te vragen. Of merk je dat je eigen kind om onduidelijk redenen nog wat op het schoolplein blijft hangen. Ook dit kan een teken zijn dat het graag wil spelen maar het niet durft te vragen.

Merk je dat jouw kind graag met anderen wil spelen maar er niet op af durft te stappen, dan kun je best een beetje meehelpen: “Zullen vragen of Sanne vanmiddag met jou wil komen spelen?”.

Zodra je samen bij de ouder en het kind staat kun je proberen om je kind zelf het andere kind te laten vragen. Spring alleen bij als het nodig is. Dit is een goede oefening in sociale vaardigheden voor je kind. Hij leert hierdoor om te vragen en ook hoe hij kan reageren als iemand anders niet kan of wil spelen.

De eerste keren kan dit erg spannend zijn. Durft je kind het echt niet om samen te vragen dan kun jij het ook doen. Zo laat je je kind zien hoe het werkt. “Hoi, Lucas zou het leuk vinden om een keertje af te spreken.”

Het allereerste speelafspraakje

De eerste keer spreek je het liefst kort af. Anderhalf tot twee uur is echt wel genoeg. School is op die leeftijd namelijk ook nog behoorlijk vermoeiend. Als de kinderen al vaker samen hebben gespeeld dan kun je wel wat langer afspreken.

Als je kind het spannend vindt kun je best aangeven dat je er graag nog even bij blijft totdat je kind het naar zijn/haar zin heeft. Dit is voor de andere ouder ook wel zo prettig. Zodra het ijs gebroken is en de kinderen lekker spelen kun je vaak zonder problemen weggaan.

Spreek de eerste keren met 1 kindje af. Ze moeten het samen spelen echt nog uitvinden. Later kun je wel eens meerdere kinderen te spelen uitnodigen.

Ongeschreven regels

Uiteindelijk bepaal je natuurlijk zelf de regels. Ook kunnen de “regels” heel erg afhangen van de buurt waarin je woont. Maar meestal gaat het samen spelen zo in zijn werk:

  • Je wisselt nummers uit met de ouder van het andere kind, handig voor als er wat mocht zijn. Indien van toepassing kun je een leuke foto opsturen
  • De ouder van het kind waar gespeeld wordt neemt de kinderen mee (indien mogelijk)
  • De andere ouder haalt zijn eigen kind na het spelen weer op
  • Koffie/thee drinken bij het wegbrengen is meestal niet gebruikelijk, behalve wanneer je regelmatig bij elkaar over de vloer komt. Maar als je het gezellig lijkt kun je natuurlijk altijd iemand uitnodigen
  • Haal je kind op de afgesproken tijd op, 5 minuutjes later is niet erg, maar een kwartier of langer te laat is echt not done (gebeurt helaas vaker dan je zou verwachten)
  • Bij het ophalen bedankt jouw kind het andere kind voor het spelen
  • Wissel het spelen een beetje af, de ene keer bij jullie thuis, de volgende keer bij de ander thuis

Verwarrende situaties

Kinderen kunnen snel van gedachten veranderen. ’s Morgens bij het wegbrengen spreekt je kind met Stijn af en ’s middags wil hij met Ivo mee. Of hij spreekt op maandag af dat hij donderdag met iemand gaat spelen en heeft donderdag geen zin meer.

Dit kun je voorkomen door zoveel mogelijk op de dag zelf af te spreken.

Soms gebeurt het dat een kind na school een speelafspraakje maakt en zich ineens bedenkt zodra het zijn eigen ouder weg ziet rijden. Dit kan een enorm gevoel van verlatingsangst oproepen en dit gevoel kan zo erg zijn dat het speelafspraakje niet door kan gaan. Dit komt in het begin nogal eens voor en als je er relaxed mee omgaat door de andere ouder te bellen en het kind op te laten halen kan het een volgende keer juist heel goed gaan, omdat het kind weet dat er naar hem geluisterd wordt als hij iets niet wil.

Het spelen zelf

Zodra er iemand bij jou kind komt spelen kunnen jullie samen wat drinken en eten. Je kunt even een praatje maken om het ijs te breken. Merk je dat het kind wat blijft spelen niet zo’n prater is of erg verlegen is, dan kun je wat vragen aan beide kinderen stellen over school. Hierdoor kan jouw eigen kind ook antwoorden geven en hoeft het andere kind niet per se wat te zeggen. Dit haalt de druk er een beetje af.

Oudere kinderen gaan al vrij snel hun eigen gang. Jongere kinderen kun je even op gang helpen door bijvoorbeeld een suggestie te doen: willen jullie met de klei of buiten in de tuin spelen?

Daarna redden ze zichzelf en hoef je ze niet te entertainen. Kinderen spelen het fijnst als ze gewoon hun eigen gang kunnen gaan. En dat is voor jezelf ook het makkelijkst. Ze kunnen misschien wat onenigheid krijgen, maar kunnen dat vaak vanzelf oplossen.

Het echte samen spelen begint pas vanaf groep 2. De hele tijd gezellig samen spelen is voor jongere kinderen nog best moeilijk. Het kan dus ook voorkomen dat ze allebei iets anders willen doen en dat is prima. Ze hebben dat dan even nodig en zoeken elkaar vanzelf weer op.

Het ophaaldrama

Ook al was het spelen erg leuk, het ophalen kan dan toch ineens een drama zijn. Het komt vaak voor dat een kind zich als een blad aan de boom omdraait zodra het zijn ouder ziet. Dit ligt niet aan jou! Juist als het leuk is geweest kunnen kinderen moeite hebben met het afscheid nemen en niet goed weten hoe daarmee om te gaan. Ook moeheid kan in het begin nog wat meespelen.

Wat hierbij heel goed kan helpen is om 10 minuten van tevoren laten weten dat het spelen zo is afgelopen. Bijvoorbeeld door samen even te gaan opruimen. Zo kunnen de kinderen alvast omschakelen en is het niet zo’n enorme overgang als er ineens een ouder voor de deur staat om het kind weer op te halen.

Hoe vaak spelen is normaal?

Jij en je kind kunnen samen zelf bepalen hoe vaak er gespeeld wordt. Sommige kinderen kunnen maar eens per week spelen in verband met oppas of bso. Andere kunnen vaker.

Kijk ook naar je kind; leeft het helemaal op van een speelafspraak of is het toch best vermoeiend? Een speelafspraak per week kan in het begin ruim voldoende zijn.

En kijk ook naar jezelf. Je mag best een keertje nee zeggen als je kind wel erg vaak wil spelen. Discussies en drama’s kun je voorkomen door twee vaste speeldagen in de week af te spreken. Op die manier weten jullie allebei waar jullie aan toe zijn.

Als speelafspraakjes niet lukken

Zit je kind al in groep twee en heeft het nog (bijna) nooit een speelafspraakje gehad? Praat met je kind om erachter te komen waar het aan ligt. Misschien heeft hij er niet zo’n behoefte aan. Of hij weet niet wie hij zou moeten vragen. Misschien vindt je kind het spannend om bij een ander kind te spelen. Of heeft het een keer een nare ervaring gehad en durft het niet meer.

Je kunt de leerkracht vragen hoe jouw kind op school is. Dit kan soms heel anders zijn dan thuis. Ook kun je vragen met welke kinderen jouw kind op school het meest contact heeft en deze kinderen eens uitnodigen om te komen spelen.

Over Moederweb 17 Articles
Veel artikelen op Moederweb zijn samengesteld met behulp van tips, ervaringen en suggesties van andere moeders. Wil jij ook bijdragen aan deze website? Samen weten we meer!

Be the first to comment

Leave a Reply